Robert Stone Currier
Robert Currier, geboren in 1919 in Pennsylvania in het gezin van Karl Moody en Alice Merrill Currier, woonde bij zijn ouders in Wilmington, New Castle County, Delaware, USA. Als 1e luitenant leidde hij een van de compagnieën bij de Waaloversteek. Daags daarna, op 21 september 's morgens, werd Currier bij het dorp Oosterhout gedood door vuur van Duitse machinegeweren, dat hem doormidden schoot en zo op slag doodde. Robert Currier werd postuum onderscheiden met het Purple Heart. Zijn naam staat genoemd op het Waaloversteek-monument. Soldaat Albert Clark getuigde als volgt over zijn dood: "We stayed at Fort Lent overnight. The next morning we moved up to the little village [of Oosterhout] further up. We were in a ditch across, towards the highway. We dug in and the report that I got was that Lieutenant Currier was sitting in his foxhole and a machine gun just about cut him in half. He wasn’t in my platoon. Currier was a helluva nice young fellow and everybody liked him. ... We were all upset when Currier got killed."
Bron: Dorine Steenbergen e.a.,
De Oversteek, p.62
Persoongegevens 
Overlijdensgegevens 
Nationaliteit:
Amerikaanse
Beroep:
1LT 504 PIR Co A ,82nd Airborne Division
Burgerlijke staat:
-onbekend-
Adres:
2302 Harrison Street, Wilmington
Woonplaats:
Wilmington, Delaware (USA)
Geboortedatum:
08-07-1919
Geboortedatum toevoeging:
Geboorteplaats:
Pennsylvania (USA)
Locatie:
in bruggenhoofd na de Waaloversteek
Begraafplaats:
Eerst in Molenhoek A-6-103, daarna op Riverview Cemetery in Wilmington
Omstandigheid:
gesneuveld
Categorie:
Militairen: Geallieerd